Boeken werden veelal gepostdateerd. Zeker boeken die richting het einde van het jaar verschenen kregen alvast het jaartal van het aankomend jaar mee. Marketingtechnisch gezien was dit verstandig: boeken leken dan nieuwer en meer recent. Dit kwam vaak voor. Hieronder een verzameling willekeurige voorbeelden om ooit iets te kunnen zeggen vanaf (ongeveer) welke maand boeken werden gepostdateerd.


In 1700 verscheen in Rotterdam bij ‘Adriaan van Dijk, Boekverkooper op de Melkmarkt‘, De wonderen van Gods liefde, in aandagtige overdenkingen beschreven van Didakus Stella, een nieuwe Ne├¬rduitsche druk. (VU: XP.@@@@@.- | WorldCat). Dit was zogenaamd een nieuwe druk, maar in werkelijkheid een titeluitgave van Zeer aendachtige overdenckingen van de liefde Godts (STCN: 840697031), dat in 1667 was verschenen bij Franc╠žois van Hoogstraeten (1632-1696). Van Hoogstraten was tevens de vertaler. Mogelijk had Van Dijk de restpartij op de kop getikt na diens overlijden. Wel had Van Dijk een nieuw ‘Voorberigt’ laten plaatsen, als mede een nieuwe titelpagina. Ook had hij blad A1 (pagina’s 1 en 2) opnieuw laten drukken: mogelijk omdat hier nog de oude titel te lezen viel. Het oude blad A1 was weggesneden. In het Voorbericht viel te lezen dat ‘Den godvrugtigen Lezer word hier nieuwlijks geschonken het stigtelijk werk van een Prediker, en Schrijver […]’. Zo nieuwelijk was het werk dus niet.

In de De boekzaal van Europe van september en oktober 1699, p. 370-371, viel te lezen dat ‘Te Rotterdam by Adriaan Van Dijk zijn gedrukt Vijftien uitgelezene Predikatien […] M.DCC. in 8. [en] De Wonderen van Gods Liefde, in eendagtige Overdenkingen beschreven van Didakus Stella. BY den zelven M.D.CC. in 12′. Ondanks dat de beide boeken dus in 1700 zouden zijn verschenen, stonden ze in de september/oktober-editie van 1699 al genoemd als verschenen.

Het Voorberigt van De wonderen van Gods liefde bevat overigens een onbekend (?) gedicht van Pieter Rabus, samensteller van De Boekzaal. Het gedicht is getiteld: ‘Kragt der Goddelijke Liefde’:

Opregte zielen, die geen lot,
Geen pand zoekt, nog geen stand op Aarde,
Maar ‘t heilrijk gunstbewijs van God
Houd billijk in de hoogste waarde;
[…]


David Ruarus gaf in 1681 een Novum Jesu Christi Testamentum uit (STCN: 841143897). Op de titelpagina (A2) stond in het impressum in Romeinse cijfers het jaar ‘M DC L XXXI.’ (1681) aangeduid. Blad A1 was bestemd voor een gegraveerde titelpagina (A. Naghtegael inven schulp). Hier was het impressum alvast het jaar 1682 genoteerd (Amstelodami. Apud Davidem Ruarum. M DC L XXXII.). Blijkbaar was men al van plan om boek te postdateren.

De Vrije Universiteit bezit een exemplaar (XI.09529.-) waarop de titelpagina het jaar ‘M DC L XXXI.’ (1681) is aangepast naar ‘M DC L XXXI.I’ (1682). Deze laatste I is duidelijk toegevoegd nadat de titelpagina al was gedrukt. De I is iets wat scheef gedrukt en gedeeltelijk over de punt heen gezet. Mogelijk is dit teken naderhand met de hand bijgedrukt. In het midden is de inkt ook wat vaag, alsof er minder kracht is gebruikt.

Het impresseum van exemplaar: VU XI.09529.-

Detail van het impresseum van exemplaar: VU XI.09529.-

Exemplaar: UvA 1914-E-26 (via Google Books)

Exemplaar: UvA OK-82-39 (via Google Books). Met een met de hand toegevoegde letter I om er het jaar 1682 van te maken?

Exemplaar: VU XI.05530.- (via STCN). Onduidelijk of is of hier iets is toegevoegd.


Image: Eeuwigdurende kalender met randvignetten en mes, anoniem, naar Jacob Matham, naar Jan Harmensz. Muller, naar Hendrick Goltzius, naar Harmen Harmensz Bockens van de Nykerck, 1607 (Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-1937-1890)